dinsdag 30 mei 2017

Oeps

Alles komt goed. Het is mijn leuze en het klopt ook wel. Omdat ik quasi elk gesprek afsluit met die drie woorden, laat mijn collegaatje het op mijn grafsteen printen. (tegen de tijd dat ik ga, kan dat ongetwijfeld, zo'n geprinte grafsteen)
Soms heb ik het gevoel dat ik niks meer te vertellen heb, nu alles goed gaat, maar dat heb ik juist wel.

Uit de mottigste ervaringen komen de helderste inzichten, zo blijkt.
Eigenlijk heb ik wel nog iets te zeggen. Iets pietluttig, waar ik me eigenlijk voor schaam. Maar omdat ik  'fuck fake' zo hoog in het vaandel draag, kom ik uit de kast:
Ik ben fan van Justin Bieber. (Nee, zo erg is het niet)

LUIZEN
Het moet me van het hart, omdat die rotbeesten de grondvesten binnen onze familie serieus deden daveren. De lieve familie expat kwam bij ons op bezoek en ik was keifier dat ik weer mijn optimistische zelve was, maar de indoneesjes waren vooral bang om voor de derde keer het foute souvenir bij uitstek weer mee naar huis te nemen. Luizen dus. 


Regelmatig krijgt mijn kroost een luizenalert-nota mee naar huis (ja, begin al maar te krabben) en dan word ik dus verondersteld om al mijn linnen te wassen en hun hoofden te ontsmetten met de meest chemische shampoos waarvan de geur je al in hogere sferen brengt nog voor je het flesje geopend hebt. Of met azijn, balsem, watten, gaasjes en weet ik wat nog allemaal. Maar Dat Helpt Dus NIET!

Hier toch niet. Wel bij de kleintjes, wiens hoofd ik al eens met de tondeuse kan bewerken, maar niet bij mijn schattige dochter wiens lange haren haar heiliger zijn dan al haar andere spullen bij elkaar.
Dus dat kind heur haar zit vol met neten, die dood zijn, dat wel, maar ze blijven netjes zitten waar we ze NIET willen hebben; in haar zwierige haren en daarmee in de buurt van vele andere kapseltjes.

Toen mijn bezorgde broer erover begon, had ik zin om te beginnen gillen, want ik moet niet alleen vechten tegen die vervelende, nutteloze snertluizen, maar ook tegen mijn puberdochter die nog liever drie wortelkanaalbehandelingen achter elkaar ondergaat dan een fris coupke te laten snijden bij de kapper. 

Tot zover. Mijn ontboezeming. Ik weet dat mijn kroost een aanzienlijk percentage van de rupelstreekse jeugd vertegenwoordigt, maar het kan toch niet dat zij als enigen de luizenpopulatie hier in stand houden? Dus GRAAG uw tips en advies om er voor eeuwig en altijd korte metten mee te maken. En korte coupkes, dat ook.

woensdag 17 mei 2017

Zon

Dus. Mijn toekomst ziet er blanco uit en er zijn zowat 84.000 mogelijkheden. Wat best veel is, ook een beetje overweldigend, maar al bij al maakt het me pokkeblij. Ik kan terug A DEM HA LEN.
Grapjes maken. Lachen. En de behoefte om me aan iets of iemand vast te klampen is volledig verdwenen. Sorry guys. 

Ik heb een miljard zelfhulpartikelen gelezen, die nota bene zomaar vanzelf op mijn dierbare facebookwall verschenen (jaja, big brother IS watching us...) en ik moet zeggen, het klopt wel. Omarm het leven en het omarmt jou. Ahum. Gooi alle ballast overboord en ja, je voelt je meteen een stuk lichter. 

Misschien is het niet zo simpel, misschien heeft de tijd eindelijk zijn werk naar behoren gedaan. Of misschien zie ik nu pas in hoe goed ik het eigenlijk heb én hoe onnozel het is om te willen voldoen  aan onmogelijke verwachtingen. Van mezelf dus he, want om echt heel eerlijk te zijn verwachten er daarbuiten niet zo heel veel mensen iets van me, behalve die vijf dan. Brood op de plank (liefst niet vergezeld van te veel groentjes), propere kleertjes en af en toe een aai over hun bol. Samen aan tafel, samen in de zetel en gewoonweg zalig nietsdoen. Zwaar onderschat, als je't mij vraagt.

De lente die het eindelijk waarmaakt, de zon die iedereen een opkikker van jewelste geeft en het besef dat 36 nu ook weer niet zo oud is. Helemaal niet eigenlijk. 
Nooit gedacht dat ik ooit in mijn leven blij zou zijn met een paar extra kilo's erbij, maar het moet gezegd, het voelt heerlijk om er niet langer bij te lopen als een garnaal met difterie. Ok, dat is overdreven, maar je begrijpt vast wat ik bedoel.

En ja, blondes have definitely more fun. Het leven is prachtig als je van jezelf houdt én gewoon vrienden zijn is ook leuk. Heel leuk zelfs. Het maakt niet uit als ik tegenover hem in het restaurant met een taai stukje jamõn de Trevélez lig te vechten of dat mijn billen door de hitte aan de leren zetels van zijn coole mini blijven plakken. Hij weet dat een half uur op dezelfde stoel meer dan lang genoeg is voor mij want dat ik daarna de onbedwingbare neiging krijg om lepels aan mijn neus te hangen of suikerklontjes naar zijn hoofd te katapulteren. Maar dat mag, want ik ben gewoon mezelf en hij is gewoon just him. En dat scheelt. Een pak.

woensdag 5 april 2017

Graag zien

Graag zien, wat is dat eigenlijk, vraag ik me af. Ik weet het niet zo goed en ben er precies ook geen held in, gezien mijn geschiedenis en het aantal fiasco's . Maar zijn het wel allemaal mislukkingen en heb ik me werkelijk zo vergist in hen en zij in mij? Is het een utopie te denken dat wij voorbestemd zijn om ons leven te delen met net die ene uitverkorene, die ons op elk vlak aanvult en vervolmaakt? Of moeten we blij zijn dat niks oneindig is en dat als we uitgekeken zijn op onze liefste hem of haar kunnen inruilen tegen een gepaster exemplaar?

Ik sta te snotteren in een leeg kleedhokje, in een bijna leeg zwembad, in een randstad ergens in Vlaanderen. Heb ik liefdesverdriet, ligt die breuk nog altijd op mijn maag, is het een burn of een bore-out? De dertigersdip of een 'ikweethetookallemaalniet-crisis'? Ik zet een bril op mijn neus en voel me op slag een pak zelfverzekerder. Ik zal het toch ook wel weten, zeker. Vijfendertig, bijna zesendertig, een eigen huis, een plek onder de zon, en gezinshoofd van een reeks van vijf.
Wat doen dan al die vragen in mijn kop? Waarom lijken alle anderen altijd precies te weten wat ze willen?

Moed, moed! Moet ik mezelf inspreken. Volhouden, tanden bijten en op een dag komt alles goed.
Tel uw zegeningen, zou mijn oma zeggen. Maar ze zegt al lang helemaal niks meer en kijkt stuurs voor zich uit. In een kamertje van drie op drie, met spreuken aan de muur, foto's en de onvermijdelijke kruisbeeldjes.

Ik durf eigenlijk niet zo goed te zeggen dat ik best nog vaak verschrikkelijke rotdagen heb. Zo rot dat ik in een bruin ziekenhuis in een klein kamertje tegenover een wildvreemde man ga zitten. Hij stelt vragen tot ik het gevoel heb dat hij drie kilo pasta door mijn keelgat heeft geramd. Ik voel me platgewalst en er druppen dikke tranen naar beneden.

Dat ik hoop dat ze veel plezier maakt met haar vriendinnen, veel gaat reizen en een studie kiest die ze echt leuk vindt, zeg ik tegen Lena. En dat ze nooit of nooit of NOOIT afhankelijk mag zijn van een man, gooi ik er nog achteraan. Mag ik dan nooit een lief? vraagt ze verbaasd. Ik verzeker haar dat ze dat mag. Maar liefst niet te snel, alsjeblieft. Niet zo snel als ik in ieder geval, destijds.
Aha, reageert ze laconiek. Jij hebt dus spijt van mijn bestaan?

Nee, nee, NEE, natuurlijk niet. Ik ben verzot op alle vijf mijn bloedjes. Maar in het bijzonder bezorgd om haar. Al is het niet gezegd dat ze in de liefde net zo'n kluns zal zijn als ik. En ongetwijfeld in staat is een fijn exemplaar aan de haak te slaan. Eentje die bekommerd is om haar en haar nooit het gevoel geeft dat ze eigenlijk niet zo veel voorstelt. Ik  hoop dat ze zich nooit moet afvragen of ze wel goed genoeg is. En dat ze altijd haar heerlijke zelf mag zijn. Helemaal, zonder twijfels en vraagtekens en nodeloze verwijten. 

Ik twijfel een beetje aan de toekomst. Mogen we ons nog wel kwetsbaar opstellen? Is het toegestaan om ons hart aan een ander toe te vertrouwen? 

Leer van jezelf houden, schreeuwen de boekjes.
Wie zal het anders doen, vraag ik me af.